Vergeten Verleden
 

 

De Sepoy Muiterij 1857

Sepoys waren vrijwillige Indiase soldaten die dienden in de legers van de Engelse Oost India Compagnie. In 1856 werd nieuwe munitie in gebruik genomen voor de Enfield voorlader geweren. Voor het gebruik moesten de soldaten de punt van de ingevette patroon afbijten om het geweer te laden. Al snel gingen er geruchten dat de patronen waren ingevet met rundvet en met varkensvet. Dit was zowel voor de Hindoe als de Islamitische soldaten onacceptabel, want voor de eerste was de koe heilig en voor de tweede was het varken onrein. Het leger verving de patronen snel, maar het was al te laat. In maart 1857 weigerden enkele tientallen Sepoys in Meerut de patronen te gebruiken. Ze werden gearresteerd, in front van de troepen ten schande gemaakt en vervolgens gevangen gezet. De volgende ochtend, terwijl de Britten zich gereed maakten voor de zondagse kerkdienst, trokken Sepoys naar het gedeelte waren de Britten woonden. Ze slachtten in een paar uur iedereen af: mannen, vrouwen, kinderen en bedienden. Bevreesd voor de reactie trok de groep Sepoys, nu vergezeld door dorpelingen, richting Delhi. Ze wilden daar de leiding van de opstand geven aan de laatste moghul, Bahadur Shah. Tegen zijn zin nam Shah de leiding op zich. De groep opstandelingen vermoorden daarna bijna alle Europeanen en christelijke IndiŽrs in Delhi.

De val van Delhi was een slag voor de Britten. Een legergroep uit Punjab, met veel Sikhs en Gurkhas werd ingezet om Delhi te heroveren. Na een week van straatgevechten was het stad weer in Britse handen. Bahadur Shah werd gevangen genomen en zijn drie zoons zijn doodgeschoten.

De opstand van de Sepoys beperkte zich tot noord en midden India, wat het optreden van de Britten vergemakkelijkte. Twee gebeurtenissen zouden blijvend het beeld van de Britten van India bepalen: de slachting van Cawnpore en de belegering van Lucknow.

In juni 1857 brak de Sepoy opstand uit in Cawnpore. De Britten trokken zich met vrouwen en kinderen terug in een kamp dat echter volledig onder schot kon worden gehouden door de Sepoys. In het kamp was slechts een waterput, die niet bereikt kon worden. Gedurende drie weken duurde het beleg, waarbij vele doden vielen en anderen gek werden van de zon en door dorst. De Britse bevelhebber Wheeler kwam met de Sepoys overeen dat de Britten via de Ganges geŽvacueerd zou worden. Toen de troepen in de boten waren brak een vuurgevecht los waar veel doden vielen. De rest probeerde zich op het land terug te trekken maar werd op bloedige wijze uitgemoord door de Sepoys. Dat vrouwen en kinderen waren uitgemoord deed het bloed van de Britten koken. Bij de herovering van Cawnpore door de Britten werden de gevangen Sepoys gedwongen de vloeren met het bloed van de vermoorde vrouwen en kinderen schoon te likken.

Lucknow is de hoofdstad van wat nu heet Utra Pradesh. De commandant van Lucknow was bevreesd voor een opstand in dit gebied en de hele Europese gemeenschap en een garnizoen van 1700 soldaten - de helft bestaande uit loyale Sepoys - werden verzameld op een ommuurd gebied van enkele hectares. Eind juni brak een muiterij uit en gedurende weken werd het gebied belegerd. Meer dan 1000 belegerde soldaten waren al gedood toen na drie maanden een kleine Britse versterking kwam. Zij kon de belegering niet doorbreken.  Pas in oktober kwam opnieuw een kleine versterking, ook zij konden de rebellen niet afslaan, maar slaagden er in de overgebleven Britten uit Lucknow te evacueren. De stad werd overgelaten aan de rebellen.

Eind 1857 en in het eerste helft van 1858 werden alle steden en gebieden van de opstandelingen weer heroverd door de Britten. In het begin werden geen krijsgevangenen gemaakt en werd iedereen gedood, vaak met de bajonet. De inwoners van hele dorpen werden soms opgehangen vanwege echte of vermeende sympathie met de opstandelingen. De IndiŽrs noemden het optreden van de Britten de "Duivelse Wind".
Later werden de gevangen genomen Sepoys voor  een kanon gebonden en vervolgens werd het kanon afgeschoten.

De opstand leidde ertoe dat de Oost India Compagnie werd opgeheven. India kwam onder directe heerschappij van de Engelse regering. Het aantal Indiase soldaten werd gehalveerd en het vertrouwen in hen bleef beperkt.
Voor een aantal IndiŽrs is de Sepoy opstand de eerste strijd voor onafhankelijkheid, maar voor de meesten blijft het een muiterij.